Vertaling van vaardigheid

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
slag [m], vaardigheid [v], vlugheid [v], handigheid [v], bedrevenheid [v] {zn.}
slag [m]
vaardigheid [v]
vlugheid [v]
handigheid [v]
bedrevenheid [v] {zn.}
Ze zijn eindelijk begonnen die weg opnieuw te asfalteren. Het werd ook tijd, zeg! Je kon er alleen nog zigzaggend fietsen als je geen slag in je wiel wilde krijgen van…
Ze zijn eindelijk begonnen die weg opnieuw te asfalteren. Het werd ook tijd, zeg! Je kon er alleen nog zigzaggend fietsen als je geen slag in je wiel wilde krijgen van…
vaardigheid [v] (de ~), habiliteit, geoefendheid, bedrevenheid [v] (de ~) {zn.}
vaardigheid [v] (de ~)
habiliteit
geoefendheid
bedrevenheid [v] (de ~) {zn.}


Gerelateerd aan vaardigheid

slag - vlugheid - handigheid - bedrevenheid - habiliteit - geoefendheidvermogen