Vertaling van verbond

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
verbond {zn.}
verbond {zn.}
bondgenootschap [o], verbond, alliantie [v] {zn.}
bondgenootschap [o]
verbond
alliantie [v] {zn.}
bond [m], link, verbond, liga {zn.}
bond [m]
link
verbond
liga {zn.}
Ik bond mijn hond aan de boom in de tuin vast.
Ik bond mijn hond aan de boom in de tuin vast.
"Daarin zou ik er als een echte James Bond uitzien," zei Dima tegen zichzelf, en ging toen de winkel binnen.
"Daarin zou ik er als een echte James Bond uitzien," zei Dima tegen zichzelf, en ging toen de winkel binnen.
testament, verbond, uiterste wil, wilsbeschikking [v] {zn.}
testament
verbond
uiterste wil
wilsbeschikking [v] {zn.}
Hij stierf zonder een testament opgesteld te hebben.
Hij stierf zonder een testament opgesteld te hebben.
verbond [o] (het ~) {zn.}
verbond [o] (het ~) {zn.}
verbinden {ww.}
verbinden {ww.}

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

verbinden, verplichten {ww.}
verbinden
verplichten {ww.}

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

tot een alliantie smeden, verbinden {ww.}
tot een alliantie smeden
verbinden {ww.}

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

bijeenbinden, samenbinden, verbinden {ww.}
bijeenbinden
samenbinden
verbinden {ww.}

ik bond bijeen
jij bond bijeen
hij/zij/het bond bijeen

ik bond bijeen
jij bond bijeen
hij/zij/het bond bijeen
» meer vervoegingen van bijeenbinden

verbinden, associëren {ww.}
verbinden
associëren {ww.}

ik associeerde
jij associeerde
hij/zij/het associeerde

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

combineren, samenvoegen, verbinden {ww.}
combineren
samenvoegen
verbinden {ww.}

ik combineerde
jij combineerde
hij/zij/het combineerde

ik combineerde
jij combineerde
hij/zij/het combineerde
» meer vervoegingen van combineren

aan elkaar vastmaken, verbinden {ww.}
aan elkaar vastmaken
verbinden {ww.}

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

aansluiten, verbinden {ww.}
aansluiten
verbinden {ww.}

ik sloot aan
jij sloot aan
hij/zij/het sloot aan

ik sloot aan
jij sloot aan
hij/zij/het sloot aan
» meer vervoegingen van aansluiten

verbinden, zwachtelen, inzwachtelen, omzwachtelen {ww.}
verbinden
zwachtelen
inzwachtelen
omzwachtelen {ww.}

ik inzwachtelde
jij inzwachtelde
hij/zij/het inzwachtelde

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

verbinden, associëren {ww.}
verbinden
associëren {ww.}

ik associeerde
jij associeerde
hij/zij/het associeerde

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

We associëren zwart vaak met de dood.
We associëren zwart vaak met de dood.
De nieuwe tunnel zal Brittannië met Frankrijk verbinden.
De nieuwe tunnel zal Brittannië met Frankrijk verbinden.
verbinden {ww.}
verbinden {ww.}

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond

ik verbond
jij verbond
hij/zij/het verbond
» meer vervoegingen van verbinden

aansluiten, binden, vastbinden, vastmaken, verbinden {ww.}
aansluiten
binden
vastbinden
vastmaken
verbinden {ww.}

ik sloot aan
jij sloot aan
hij/zij/het sloot aan

ik sloot aan
jij sloot aan
hij/zij/het sloot aan
» meer vervoegingen van aansluiten

unie [v] (de ~), liga [m] (de ~), verbond [o] (het ~) {zn.}
unie [v] (de ~)
liga [m] (de ~)
verbond [o] (het ~) {zn.}
Litouwen is lid van de Europese Unie.
Litouwen is lid van de Europese Unie.
De twaalf sterren op de vlag van de Europese Unie symboliseren niet de twaalf oprichters van de unie. Ze symboliseren de twaalf apostelen.
De twaalf sterren op de vlag van de Europese Unie symboliseren niet de twaalf oprichters van de unie. Ze symboliseren de twaalf apostelen.