Vertaling van verschenken
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
weggeven, vergeven, verschenken {ww.}
weggeven
vergeven
verschenken {ww.}
vergeven
verschenken {ww.}
ik vergeef
jij vergeeft
hij/zij/het vergeeft
ik geef weg
jij geeft weg
hij/zij/het geeft weg
» meer vervoegingen van weggeven
Is het moeilijker te vergeven, of te vergeten?
Is het moeilijker te vergeven, of te vergeten?
Ik kan niet geloven dat je al je geld gaat weggeven.
Ik kan niet geloven dat je al je geld gaat weggeven.