Vertaling van wapperen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
wapperen, scharrelen, fladderen, flirten, aan de scharrel zijn {ww.}
wapperen
scharrelen
fladderen
flirten
aan de scharrel zijn {ww.}

ik fladder
jij fladdert
hij/zij/het fladdert

ik wapper
jij wappert
hij/zij/het wappert
» meer vervoegingen van wapperen

De vlaggen van de wereld wapperen trots bij het hoofdkwartier van de Verenigde Naties.
De vlaggen van de wereld wapperen trots bij het hoofdkwartier van de Verenigde Naties.
wapperen, vonken schieten, flikkeren, schitteren, flakkeren {ww.}
wapperen
vonken schieten
flikkeren
schitteren
flakkeren {ww.}

hij/zij/het flakkert
zij flakkeren
ik flikker

hij/zij/het wappert
zij wapperen
ik wapper
» meer vervoegingen van wapperen

vliegen, wapperen, flapperen, fladderen {ww.}
vliegen
wapperen
flapperen
fladderen {ww.}

ik fladder
jij fladdert
hij/zij/het fladdert

ik vlieg
jij vliegt
hij/zij/het vliegt
» meer vervoegingen van vliegen

De vogels vliegen.
De vogels vliegen.
Deze vogel kan niet vliegen.
Deze vogel kan niet vliegen.


Gerelateerd aan wapperen

scharrelen - fladderen - flirten - aan de scharrel zijn - vonken schieten - flikkeren - schitteren - flakkeren - vliegen - flapperenzwaaien