Vertaling van zalf
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
zalf {zn.}
zalf {zn.}
zalf , smeerseltje {zn.}
zalf
smeerseltje {zn.}
smeerseltje {zn.}
zalven met heilige olie, zalven {ww.}
zalven met heilige olie
zalven {ww.}
zalven {ww.}
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
» meer vervoegingen van zalven
zalven, bedienen {ww.}
zalven
bedienen {ww.}
bedienen {ww.}
ik bedien
jij bedient
hij/zij/het bedient
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
» meer vervoegingen van zalven
zalven {ww.}
zalven {ww.}
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
» meer vervoegingen van zalven
balsemen, zalven {ww.}
balsemen
zalven {ww.}
zalven {ww.}
ik balsem
jij balsemt
hij/zij/het balsemt
ik balsem
jij balsemt
hij/zij/het balsemt
» meer vervoegingen van balsemen
zalven {ww.}
zalven {ww.}
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
ik zalf
jij zalft
hij/zij/het zalft
» meer vervoegingen van zalven