Betekenis van:
arch

arch
Zelfstandig naamwoord
  • gebogen overspanning tussen twee punten, ter ondersteuning van een gewelf, brug enz.
  • (architecture) a masonry construction (usually curved) for spanning an opening and supporting the weight above it

Hyperoniemen

Hyponiemen

arch
Zelfstandig naamwoord
  • boogconstructie
  • a passageway under a curved masonry construction
"they built a triumphal arch to memorialize their victory"

Synoniemen

Hyperoniemen

arch
Zelfstandig naamwoord
    • a curved bony structure supporting or enclosing organs (especially the inner sides of the feet)

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    arch
    Zelfstandig naamwoord
      • a curved shape in the vertical plane that spans an opening

      Hyperoniemen

      arch
      Bijvoeglijk naamwoord
      • genadig, maar uit de hoogte
      • (used of behavior or attitude) characteristic of those who treat others with condescension

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      arch
      Bijvoeglijk naamwoord
        • expert in skulduggery
        "an arch criminal"
        arch
        Bijvoeglijk naamwoord
          • naughtily or annoyingly playful

          Synoniemen

          to arch
          Werkwoord
          • welven
          • form an arch or curve
          "her back arches"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen