Betekenis van:
beard

beard
Zelfstandig naamwoord
  • harige uitgroeisels bij lagere dieren
  • tuft of strong filaments by which e.g. a mussel makes itself fast to a fixed surface

Synoniemen

Hyperoniemen

beard
Zelfstandig naamwoord
  • snor; haar op de bovenlip
  • the hair growing on the lower part of a man's face

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

beard
Zelfstandig naamwoord
  • kin- of neusharen van dieren
  • the hair growing on the lower part of a man's face

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

beard
Zelfstandig naamwoord
  • haargroei op de kin; haar uit een baard
  • the hair growing on the lower part of a man's face

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

beard
Zelfstandig naamwoord
    • hairy growth on or near the face of certain mammals

    Hyperoniemen

    beard
    Zelfstandig naamwoord
    • gezichtshaar
    • the hair growing on the lower part of a man's face

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    beard
    Zelfstandig naamwoord
    • oesterbaard
    • tuft of strong filaments by which e.g. a mussel makes itself fast to a fixed surface

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    beard
    Zelfstandig naamwoord
      • a person who diverts suspicion from someone (especially a woman who accompanies a male homosexual in order to conceal his homosexuality)

      Hyperoniemen

      beard
      Zelfstandig naamwoord
        • a tuft or growth of hairs or bristles on certain plants such as iris or grasses

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        to beard
        Werkwoord
          • go along the rim, like a beard around the chin
          "Houses bearded the top of the heights"

          Hyperoniemen