Betekenis van:
conjugation

conjugation
Zelfstandig naamwoord
  • ontwikkeling tot één geheel
  • the act of making or becoming a single unit

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

conjugation
Zelfstandig naamwoord
  • het paren
  • the act of pairing a male and female for reproductive purposes

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

conjugation
Zelfstandig naamwoord
  • het vervoegen
  • the inflection of verbs

Hyperoniemen

conjugation
Zelfstandig naamwoord
  • geslachtsdaad
  • the act of pairing a male and female for reproductive purposes

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

conjugation
Zelfstandig naamwoord
  • middenhand
  • the act of pairing a male and female for reproductive purposes

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

conjugation
Zelfstandig naamwoord
    • a class of verbs having the same inflectional forms

    Hyperoniemen

    conjugation
    Zelfstandig naamwoord
      • the complete set of inflected forms of a verb

      Hyperoniemen

      conjugation
      Zelfstandig naamwoord
        • the state of being joined together

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        Hyponiemen