Betekenis van:
contend

to contend
Werkwoord
  • met lichamelijk geweld of met wapens tegen iem. tekeergaan
  • be engaged in a fight; carry on a fight
"Militant groups are contending for control of the country"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to contend
Werkwoord
  • tegen iets ingaan, in twijfel trekken
  • to make the subject of dispute, contention, or litigation

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to contend
Werkwoord
  • concurreren
  • compete for something; engage in a contest; measure oneself against others

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to contend
Werkwoord
  • proberen te dreigen
  • have an argument about something

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to contend
Werkwoord
  • trachten een ander in een bepaald opzicht te overtreffen
  • compete for something; engage in a contest; measure oneself against others

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to contend
Werkwoord
  • wedijveren
  • compete for something; engage in a contest; measure oneself against others

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to contend
Werkwoord
    • maintain or assert
    "He contended that Communism had no future"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to contend
    Werkwoord
    • bevechten, betwisten
    • to make the subject of dispute, contention, or litigation

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to contend
    Werkwoord
    • rondkomen, toekunnen, uitkomen, toekomen
    • come to terms with

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to contend
    Werkwoord
    • touwtrekken
    • compete for something; engage in a contest; measure oneself against others

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to contend
    Werkwoord
    • betwisten, bestrijden, ingaan, aanvallen
    • have an argument about something

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    to contend
    Werkwoord
    • optornen, opboksen
    • compete for something; engage in a contest; measure oneself against others

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen