Betekenis van:
encounter

encounter
Zelfstandig naamwoord
  • samenkomst, al dan niet toevallig; ontmoeting
  • a casual or unexpected convergence
"there was a brief encounter in the hallway"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

encounter
Zelfstandig naamwoord
  • klein gevecht/woordenwisseling; gevechtshandeling v.d. vijand
  • a minor short-term fight

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

encounter
Zelfstandig naamwoord
  • clash
  • a minor short-term fight

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

encounter
Zelfstandig naamwoord
    • a casual meeting with a person or thing

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    encounter
    Zelfstandig naamwoord
      • a hostile disagreement face-to-face

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      encounter
      Zelfstandig naamwoord
      • rencontre
      • a minor short-term fight

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to encounter
      Werkwoord
      • de lengte, inhoud, temperatuur, oppervlakte enz. van (iets) bepalen
      • contend against an opponent in a sport, game, or battle

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to encounter
      Werkwoord
      • in de notulen opnemen
      • contend against an opponent in a sport, game, or battle

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to encounter
      Werkwoord
      • iemand onverwacht tegenkomen; tegenkomen; treffen; toevallig tegenkomen
      • come together

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      to encounter
      Werkwoord
      • toevallig aantreffen
      • come upon, as if by accident; meet with

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      to encounter
      Werkwoord
        • be beset by

        Synoniemen

        Hyperoniemen

        to encounter
        Werkwoord
          • experience as a reaction

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          to encounter
          Werkwoord
          • overstromen
          • come together

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen