Betekenis van:
principal

principal
Zelfstandig naamwoord
  • entegevend bezit, vermogen
  • the original amount of a debt on which interest is calculated

Hyperoniemen

principal
Zelfstandig naamwoord
  • voorwerp waarmee het misdrijf is gepleegd; voorwerp v.h. misdrijf
  • capital as contrasted with the income derived from it

Synoniemen

Hyperoniemen

principal
Zelfstandig naamwoord
  • acteur of actrice die de voornaamste rol speelt in een toneelstuk of film
  • an actor who plays a principal role

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

principal
Zelfstandig naamwoord
    • the educator who has executive authority for a school
    "she sent unruly pupils to see the principal"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    principal
    Zelfstandig naamwoord
      • (criminal law) any person involved in a criminal offense, regardless of whether the person profits from such involvement

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      principal
      Zelfstandig naamwoord
      • hoofdschuldige
      • the major party to a financial transaction at a stock exchange; buys and sells for his own account

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      principal
      Zelfstandig naamwoord
      • hoofdbalk
      • the major party to a financial transaction at a stock exchange; buys and sells for his own account

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      principal
      Bijvoeglijk naamwoord
        • most important element
        "the principal rivers of America"
        "the principal example"

        Synoniemen