Betekenis van:
regal

regal
Bijvoeglijk naamwoord
  • mbt. een koning(in)
  • belonging to or befitting a supreme ruler
"regal attire"

Synoniemen

Hyperoniemen

regal
Bijvoeglijk naamwoord
  • majesteitelijk
  • belonging to or befitting a supreme ruler
"regal attire"

Synoniemen

Hyperoniemen

regal
Bijvoeglijk naamwoord
  • van prins of prinses; royaal; vorstelijk
  • belonging to or befitting a supreme ruler
"regal attire"

Synoniemen

Hyperoniemen

regal
Bijvoeglijk naamwoord
  • landsheerlijk
  • belonging to or befitting a supreme ruler
"regal attire"

Synoniemen