Betekenis van:
aanblazen

aanblazen
Werkwoord
  • (van een vuur of een oven) aanwakkeren, door erop te blazen of door lucht aan te voeren
"De smeltovens worden aangeblazen met hete lucht."
aanblazen
Werkwoord
  • (van een blaasinstrument) doen klinken, door er op de juiste manier in te blazen
"Het aanblazen van een dwarsfluit is bepaald niet eenvoudig."
aanblazen
Werkwoord
  • emoties opwekken

Hyperoniemen

aanblazen
Werkwoord
  • met aspiratie uitspreken

Synoniemen

Hyperoniemen

aanblazen
Werkwoord
  • proefblazen op instrument

Hyperoniemen