Betekenis van:
begroting

begroting
Zelfstandig naamwoord
  • raming van de te maken uitgaven voor de komende tijd
"Het kabinet heeft de begroting bijna rond."
begroting (de ~ | meervoud begrotingen)
Zelfstandig naamwoord
  • het stuk waarin zo'n raming is uitgewerkt
"een begroting indienen"
"iets op de begroting zetten"

Hyperoniemen

begroting (de ~ | meervoud begrotingen)
Zelfstandig naamwoord
  • schatting van de benodigde uitgaven, vooral van de overheid
"binnen de begroting blijven"
"een begroting overschrijden"

Synoniemen

Hyperoniemen