Betekenis van:
bezinksel
bezinksel (het ~ | meervoud bezinksels)
Zelfstandig naamwoord
- onoplosbare stof in vloeistof; bezinksel
"het vele bezinksel in zijn bloed duidde op een infectie"
"het bezinksel in wijn"
Synoniemen
Hyperoniemen
bezinksel (het ~ | meervoud bezinksels)
Zelfstandig naamwoord
- onoplosbare stof in vloeistof
"het vele bezinksel in zijn bloed duidde op een infectie"
"het bezinksel in wijn"
Synoniemen
Hyperoniemen
bezinksel
Zelfstandig naamwoord
- vast materiaal dat zich geleidelijk onder invloed van de zwaartekracht op de bodem van een vat vloeistof verzamelt
"We zouden met röntgendiffractie kunnen bepalen wat dat bezinksel precies is; tenminste als het kristallijn genoeg is."
Voorbeeldzinnen
- afvalslik en bezinksel, elektrolytische koperzuivering, ontkoperd
- droesem of bezinksel van olie; soapstocks
- (Het bezinksel dat wordt verwijderd uit ruwe koolteeropslag.
- Laat het bezinksel neerslaan en pipetteer 10,0 ml van de bovenstaande oplossing in een bekerglas.
- het bezinksel dat zich in recipiënten met druivenmost vormt bij de opslag of na toegestane behandeling;
- [Een zuur bezinksel dat als bijproduct gevormd wordt bij de zuivering met zwavelzuur van ruwe hoge-temperatuur-kool.
- „olie”: petroleum in enige vorm, met inbegrip van ruwe olie, stookolie, bezinksel, olieafval en geraffineerde producten, zoals bedoeld in het Internationaal Verdrag inzake de voorbereiding op, de bestrijding van en de samenwerking bij olieverontreiniging, 1990;
- getroffen maatregelen om veilig met dichloormethaan om te gaan, waaronder: pompen en leidingen om het verfafbijtmiddel in de baden te brengen en te verwijderen; en passende voorzorgen om op een veilige manier de baden schoon te maken en het bezinksel te verwijderen;