Betekenis van:
dumpen

dumpen
Werkwoord
  • (in grote hoeveelheden) onder de gangbare prijs verkopen.
"De Verenigde Staten en de Europese Unie dumpen hun overschotten op de wereldmarkt."
dumpen
Werkwoord
  • storten, lozen, wegwerpen
"Afval dumpen in de oceaan is strafbaar."
dumpen
Werkwoord
  • (m.b.t. een persoon) zich ontdoen van.
"Kleine gemeenten dumpen asielzoekers in grote steden."
dumpen
Werkwoord
  • (m.b.t. een geliefde) afdanken, de bons geven, het uitmaken met.
"Je vriendje dumpen per sms wordt als zeer brutaal ervaren."
dumpen
Werkwoord
  • onder de prijs verkopen
"voorraden dumpen (wegens waterschade)"

Synoniemen

Hyperoniemen

dumpen
Werkwoord
  • onder de prijs verkopen; storten
"afval dumpen"
"medewerkers dumpen"

Synoniemen

Hyperoniemen