Betekenis van:
gebaren

gebaren
Werkwoord
  • gebaren maken; gebaren
"gebaren dat [ik mee moest komen]"
"gebaren mee te komen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

gebaren
Werkwoord
  • communiceren door het maken van gebaren
"Hij gebaarde mij dichterbij te komen."
gebaar (het ~ | meervoud gebaren)
Zelfstandig naamwoord
  • beweging met de arm of hand; handeling met bepaalde bedoeling
"levendige/drukke gebaren"
"een sprekend gebaar"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

gebaar (het ~ | meervoud gebaren)
Zelfstandig naamwoord
  • handeling waardoor men een bepaalde indruk wil vestigen
"een belangrijk gebaar naar het Westen"
"een gebaar van goede wil"

Synoniemen

Hyperoniemen