Betekenis van:
gering

gering
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet grootschalig
"een geringe investering"

Synoniemen

gering
Bijvoeglijk naamwoord
  • klein in afmeting of getal
"Bij de geringste gebeurtenis is hij al afgeleid."
gering
Bijvoeglijk naamwoord
  • klein in maat of hoeveelheid
"een geringe hoeveelheid"
"een gering aantal (leerlingen)"

Synoniemen

Hyperoniemen

gering
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet belangrijk; onbelangrijk; onbeduidend; niet ernstig
"geringe burgers/ lieden"

Synoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Gering in aantal, groot in daden
  2. Gering
  3. Gering
  4. Een te gering gebruik
  5. een te gering gebruik
  6. De milieueffecten zouden gering zijn.
  7. geringe uitstoot van broeikasgassen en gering elektriciteitsgebruik.
  8. Die was in de beoordelingsperiode immers gering.
  9. Gering arbeidsaanbod om technische of economische redenen
  10. Recht op compensatie en gering aansprakelijkheidsrisico
  11. De mate van medewerking wordt bijgevolg zeer gering geacht.
  12. Op het eerste gezicht kan deze verhoging gering lijken.
  13. Bovendien is de door de TIB daadwerkelijk behaalde winst gering.
  14. Bovendien is het in voornoemd land van gering economisch belang.
  15. er wordt een zo gering mogelijk aantal dieren gebruikt,