Betekenis van:
hef

hef
Zelfstandig naamwoord
  • bezinksel van vloeistoffen
hef
Zelfstandig naamwoord
  • bezinksel of aanslag van wijn

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Hef elk oponthoud op, voor wie voorbereid is, is uitstellen altijd schadelijk geweest.
  2. Vervaardiging van hijs-, hef- en transportwerktuigen
  3. Transportwagens met hef- of hanteerinrichting, n.e.g.
  4. Vorkheftrucks; andere transportwagentjes met hef- of hanteerinrichting
  5. Installatie van hef-, hijs- en transportwerktuigen (excl. liften en roltrappen)
  6. NACE 28.22: Vervaardiging van hijs-, hef- en transportwerktuigen
  7. NACE 29.22: Vervaardiging van hijs-, hef- en transportwerktuigen
  8. Reparatie en onderhoud van hef-, hijs- en transportwerktuigen
  9. Hef- en transportwerktuigen met eigen aandrijving (op een rijdend chassis gemonteerde kranen);
  10. Hef- en transportwerktuigen met eigen aandrijving (op een rijdend chassis gemonteerde kranen);
  11. CPA 28.22.19: Delen van hef- en hijsmachines en -toestellen en van machines en toestellen voor het hanteren van goederen
  12. CPA 28.22.18: Andere hef-, hijs-, laad- en losmachines en -toestellen en andere machines en toestellen voor het hanteren van goederen
  13. Andere hef-, hijs-, laad- en losmachines en -toestellen, alsmede andere machines en toestellen voor het hanteren van goederen (bijvoorbeeld liften, roltrappen, transportbanden, kabelbanen)
  14. Transportwagens met eigen beweegkracht, zonder hef- of hanteerinrichting, van de soort gebruikt in fabrieken, in opslagplaatsen, op haventerreinen of op vliegvelden, voor het vervoer van goederen over korte afstanden; trekkers van de soort gebruikt voor het trekken van perronwagentjes
  15. Zorg ervoor dat de slagarm zich boven de band bevindt en 25 mm ± 1 mm over de velgrand reikt. Hef de slagarm tot een hoogte van 230 mm ± 2 mm boven het bovenste deel van de velgrand en laat hem vervolgens vallen.