Betekenis van:
houder

houder (de ~ | meervoud houders)
Zelfstandig naamwoord
  • ding om iets in te bewaren
"een vlaggenstok met houder"

Hyperoniemen

Hyponiemen

houder (de ~ | meervoud houders)
Zelfstandig naamwoord
  • bezitter
"hij is nog altijd houder van het wereldrecord op de 800 meter"
"de houder van [een aandeel]"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen