Betekenis van:
kit

kit (de/het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • vulmateriaal
"een tube/spuit kit"
"kit aanbrengen"

Synoniemen

Hyperoniemen

kit
Zelfstandig naamwoord
  • / en verzamelnaam voor dikvloeibare materialen, gebruikt voor verlijming of afdichting
"Je kunt daar wat kit voor gebruiken."
kit
Zelfstandig naamwoord
  • / metalen kan, met name gebruikt voor kolen
"Gooi even een kit kolen in de kachel."
kit
Zelfstandig naamwoord
  • een kistje of etui met gereedschap of toebehoor
"Dat heb ik niet in m'n kit zitten."
kit
Zelfstandig naamwoord
  • overheidsdienst belast met het toezicht op de openbare orde en veiligheid en met het opsporen van wetsovertreders; alle politiediensten samen; politiekorps; overheidsdienst belast met het toezicht op de openbare orde en veiligheid en met het opsporen van wetsovertreders

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

kit (de ~ | meervoud kitten)
Zelfstandig naamwoord
  • hoge, smalle bak

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord