Betekenis van:
lichaam

lichaam (het ~ | meervoud lichamen)
Zelfstandig naamwoord
  • geheel van botten, vlees en organen van een mens of dier
"[beven/trillen] over zijn hele lichaam"
"het menselijk lichaam"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

lichaam
Zelfstandig naamwoord
  • een geheel van botten, vlees en organen van een mens of dier
lichaam
Zelfstandig naamwoord
  • een instantie
lichaam
Zelfstandig naamwoord
  • een hoeveelheid materie met een bepaalde vorm