Betekenis van:
onenigheid
onenigheid (de ~ | meervoud onenigheden)
Zelfstandig naamwoord
- omstandigheid waarin mensen duidelijk anders over iets denken en niet toe willen geven
"er bestaat onenigheid over [het ontstaan van de wereld]"
"de onenigheid tussen [Van Mierlo] en [Chirac]"
Synoniemen
- meningsverschil
- controverse
- geschil
- ruptuur
- strubbeling
- strubbelingen
- woordenstrijd
- woordenwisseling
- verdeling
Hyperoniemen
Hyponiemen
onenigheid
Zelfstandig naamwoord
- toestand waarin men in ernstig conflict is met anderen
Synoniemen
- ruzie
- bonje
- disharmonie
- herrie
- kif
- kift
- onaangenaamheden
- onaangenaamheid
- onmin
- stront
- trammelant
- twist
- kwestie
- mot
- onvrede
- heibel
Hyperoniemen
Voorbeeldzinnen
- Kwesties waarover onenigheid bestaat, worden vermeld in het verslag van de monitoring trustee aan de Commissie;
- Op die manier kan elk punt van onenigheid snel worden opgespoord en kan een consensus gemakkelijker worden bereikt.
- Iedere onenigheid die tussen de partijen bij het geschil zou kunnen ontstaan over de uitlegging en uitvoering van de uitspraak van het arbitragehof, kan door een van de partijen ter beslissing worden voorgelegd aan het arbitragehof dat de uitspraak heeft gedaan.
- Voor gevallen waarin tussen het in artikel 10, lid 1, bedoelde orgaan en een wettelijke aansprakelijkheidsverzekeraar onenigheid bestaat over de vraag wie van deze partijen het slachtoffer moet vergoeden, treffen de lidstaten passende maatregelen om te bepalen welke partij de schade van het slachtoffer in eerste instantie terstond moet vergoeden.