Betekenis van:
rubber
rubber (de/het ~ | meervoud rubbers)
Zelfstandig naamwoord
- elastisch produkt uit de tropen
"synthetisch(e) rubber(s)"
"rubber of plastic"
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
rubber
Zelfstandig naamwoord
- een uit het sap van de rubberboom vervaardigd elastisch materiaal
rubber
Zelfstandig naamwoord
- (verkleinwoord) een stukje materiaal uit rubber of een ander elastisch materiaal vervaardigd.
rubber
Zelfstandig naamwoord
- een klasse gecrosslinkte polymere materialen boven hun glaspunt
rubber
Zelfstandig naamwoord
- een condoom
Voorbeeldzinnen
- De Maya's maakten hun ballen van rubber.
- synthetische rubber
- Rubber lakens
- synthetische rubber,
- Geregenereerd rubber
- Binnenbanden van rubber
- Werken van geharde rubber
- andere– n rubber
- Vervaardiging uit geharde rubber
- Schokdempmateriaal van rubber
- Werken van rubber
- Rubber- en asbestfabrieken
- geïmpregneerd met rubber
- Afval van rubber
- kunststoffen en rubber