Betekenis van:
schikken

schikken
Werkwoord
  • goed uitkomen
"Schikt het je dat we de afspraak naar morgen verschuiven?"
schikken
Werkwoord
  • orde brengen in; een ordening aanbrengen; structuur aanbrengen; ordenen
"bloemen schikken"
"zich om een tafel schikken"

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord