Betekenis van:
schutter

schutter (de ~ | meervoud schutters)
Zelfstandig naamwoord
  • iem. die deel uitmaakte van een schutterij
"een rare schutter"

Hyperoniemen

Hyponiemen

schutter (de ~ | meervoud schutters)
Zelfstandig naamwoord
  • iem. die een schot lost
"de politie is nog op zoek naar de schutter"
"een team met een paar goede schutters"

Hyperoniemen

Hyponiemen

schutter
Zelfstandig naamwoord
  • iemand die een schiettuig bedient
"Er klonk een schot, maar waar de schutter zich bevond was niet duidelijk."
schutter
Zelfstandig naamwoord
  • iemand die de bal tracht in het doel te doen belanden, veelal van enige afstand
"Hij stond bekend als een uitstekend schutter."

Werkwoord