Betekenis van:
splitsing

splitsing (de ~ | meervoud splitsingen)
Zelfstandig naamwoord
  • het splitsen; handeling v.h. in delen splitsen
"de splitsing van ouder en kind"
"de splitsing van [atomen]"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

splitsing (de ~ | meervoud splitsingen)
Zelfstandig naamwoord
  • splitsing v.d. weg; tweesprong; soort weg- of spoorsplitsing
"bij de splitsing moet je rechts afslaan"

Synoniemen

Hyperoniemen

splitsing
Zelfstandig naamwoord
  • opsplitsing v.e. groep mensen; opsplitsing v.e. groep; het optreden van verdeeldheid

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Splitsing
  2. 2 Splitsing
  3. Splitsing e-AD
  4. Gegevens splitsing e-AD
  5. Splitsing van een zending
  6. Splitsing van S2: rest van de wereld
  7. „R” wanneer de geadresseerde wijzigt ingevolge de splitsing.
  8. herdistillatie volgens een proces van ver doorgevoerde splitsing;
  9. Belangrijkste financiële parameters voor BankCo nà de splitsing (basisscenario)
  10. herdistillatie volgens een proces van ver doorgevoerde splitsing;
  11. „R” wanneer de vervoersgegevens wijzigen ingevolge de splitsing.
  12. „R” wanneer de reistijd wijzigt ingevolge de splitsing.
  13. Zweden: tabel 26.2 „Afwijkingen voor afzonderlijke variabelen/posten in de tabellen”, „Splitsing van bedrijfstakken 50-52” geschrapt en vervangen door „Splitsing van bedrijfstakken 45-47”.
  14. Splitsing van β-caseïnen met plasmine om de γ-caseïnen te intensiveren
  15. „R” wanneer de voor de organisatie van het vervoer verantwoordelijke persoon wijzigt ingevolge de splitsing.