Betekenis van:
vest

vest (het ~ | meervoud vesten)
Zelfstandig naamwoord
  • mouwloos bovenkledingstuk voor mannen, onder de jas van het kostuum gedragen
"een kogelvrij vest"

Hyperoniemen

vest (het ~ | meervoud vesten)
Zelfstandig naamwoord
  • wollen jasje met sluiting van voren
"een wollen vest"

Hyperoniemen

vest
Zelfstandig naamwoord
  • stadsgracht
vest
Zelfstandig naamwoord
  • vestingmuur, stadswal
vest
Zelfstandig naamwoord
  • een mouwloos jasje, te dragen onder de jas van het kostuum
vest
Zelfstandig naamwoord
  • kort (gebreid) jasje met mouwen
vest (het ~ | meervoud vesten)
Zelfstandig naamwoord
  • versterkte plaats; versterkte plaats; versterkte stad; vesting

Synoniemen

Hyperoniemen

vest (het ~ | meervoud vesten)
Zelfstandig naamwoord
  • gracht om een stad ter verdediging; vestinggracht

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. in de provincie Vest-Agder, de gemeenten Åseral, Audnedal, Hægebostad en Sirdal;
  2. een kledingstuk zoals een anorak, blouson of dergelijk artikel, met een treksluiting, eventueel vergezeld van een vest;
  3. een colbertjas of dergelijke jas, waarvan de buitenzijde, met uitzondering van de mouwen, bestaat uit vier of meer panden, ontworpen om het bovenlichaam te bedekken, eventueel vergezeld van een mouwloos vest, waarvan de voorkant vervaardigd is uit dezelfde stof als die van de buitenkant van de overige delen van het stel of assortiment en waarvan de rugzijde is vervaardigd van dezelfde stof als die van de voering van de jas;