Betekenis van:
wortelen

wortelen
Werkwoord
  • wortels krijgen; wortel schieten
"in het water wortelen"

Synoniemen

Hyperoniemen

wortelen
Werkwoord
  • wortel schieten
wortelen
Werkwoord
  • verankeren, ingeburgerd raken
wortel (de ~ | meervoud wortels, wortelen)
Zelfstandig naamwoord
  • (eetbare deel van deze) plant
"worteltjes krabben"

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord