Betekenis van:
aangaan
aangaan
Werkwoord
- wortels krijgen; wortel schieten
"aangaan van planten"
Synoniemen
Hyperoniemen
aangaan
Werkwoord
- betreffen, van belang zijn
"Dat gaat hem zeker aan."
aangaan
Werkwoord
- ingeschakeld worden
"Het licht ging ineens aan."
aangaan
Werkwoord
- in een zaak of relatie betrokken worden
"Hij is daarna een relatie met haar aangegaan."
Voorbeeldzinnen
- Voor het aangaan van leningen
- De overheidsinstelling kan ook een lening aangaan.
- wanneer zij een zakelijke relatie aangaan;
- Het agentschap mag geen leningen aangaan.
- Dit risico zou geen enkele particuliere ondernemer kunnen aangaan.
- Ingevolge artikel 18, vierde streepje, kunnen ook ondernemingen die vrijwillige milieuovereenkomsten aangaan, een belastingkorting krijgen.
- of luchthavens al dan niet actief de concurrentie aangaan voor het binnenhalen van activiteiten van luchtvaartmaatschappijen;
- Daartoe moest de afdeling samenwerking met banken, pensioenfondsen en andere entiteiten op de financiële markt aangaan.
- aangaan van een persoonlijke transactie die aan ten minste een van de volgende criteria voldoet:
- „Anti-idiotypische antistoffen” zijn antistoffen die een verbinding aangaan met de specifieke antigenbindingsplaatsen van andere antistoffen;
- toestemming verkrijgen van de hoge bedrijfsleiding (senior management) voordat zij nieuwe correspondentbankrelaties aangaan;
- Ten tijde van het aangaan van de PPA’s weerspiegelden deze de normale marktomstandigheden in de desbetreffende sector.
- Wordt uitsluitend steun verleend aan landbouwers die dierenwelzijnsverbintenissen aangaan voor een periode tussen vijf en zeven jaar?
- Het aangaan van investeringsrisico’s moet wordt beloond aan de hand van een risicopremie die in de kapitaalkosten is geïntegreerd.
- Indien nodig voor de vervulling van zijn taken kan Eurojust ook samenwerkingsverbanden aangaan en onderhouden met de volgende entiteiten: