Vertaling van bump

Inhoud:

Engels
Nederlands
bump {zn.}
bobbel [m]
luchtbel
bump, hump {zn.}
bochel  [m]
bult  [m]
bump, hump {zn.}
bobbel [m]
bult  [m]
oneffenheid [v]
bump, knob, knot, protuberance, tuber, lump, gnarl {zn.}
knobbel
knoest
knol
bump {zn.}
hobbel
bump, swelling {zn.}
zwelling [v]
bult  [m]
bobbel [m]
gezwel [o]
opzwelling [v]
to bump, to chance, to encounter, to find, to happen {ww.}
vinden

I bump
you bump
we bump

ik vind
jij vindt
wij vinden
» meer vervoegingen van vinden

to bump, to knock {ww.}
kwakken

I bump
you bump
we bump

ik kwak
jij kwakt
wij kwakken
» meer vervoegingen van kwakken

to bump, to dislodge {ww.}
hobbelen

I bump
you bump
we bump

ik hobbel
jij hobbelt
wij hobbelen
» meer vervoegingen van hobbelen


Gerelateerd aan bump

hump - knob - knot - protuberance - tuber - lump - gnarl - swelling - chance - encounter - find - happen - knock - dislodgecome about - fall - appear