Vertaling van dispel

Inhoud:

Engels
Nederlands
to break up, to dispel, to disperse, to dissipate, to scatter {ww.}
uiteendrijven

I dispel
you dispel
we dispel

ik drijf uiteen
jij drijft uiteen
wij drijven uiteen
» meer vervoegingen van uiteendrijven

to chase away, to dispel, to drive away, to drive off, to drive out, to run off, to turn back {ww.}
wegjagen

I dispel
you dispel
we dispel

ik jaag weg
jij jaagt weg
wij jagen weg
» meer vervoegingen van wegjagen

to chase away, to dispel, to drive away, to drive off, to drive out, to run off, to turn back {ww.}
wegjagen
verjagen

I dispel
you dispel
we dispel

ik jaag weg
jij jaagt weg
wij jagen weg
» meer vervoegingen van wegjagen

to break up, to dispel, to disperse, to dissipate, to scatter {ww.}
uiteenslaan

I dispel
you dispel
we dispel

ik sla uiteen
jij slaat uiteen
wij slaan uiteen
» meer vervoegingen van uiteenslaan

to chase away, to dispel, to drive away, to drive off, to drive out, to run off, to turn back {ww.}
afjagen

I dispel
you dispel
we dispel

ik jaag af
jij jaagt af
wij jagen af
» meer vervoegingen van afjagen

to chase away, to dispel, to drive away, to drive off, to drive out, to run off, to turn back {ww.}
doorjagen

I dispel
you dispel
we dispel

ik jaag door
jij jaagt door
wij jagen door
» meer vervoegingen van doorjagen


Gerelateerd aan dispel

break up - disperse - dissipate - scatter - chase away - drive away - drive off - drive out - run off - turn backbroadcast - float - go away - dismiss - break up - beat - hound