Vertaling van flora

Inhoud:

Engels
Nederlands
flora {zn.}
flora [v]
plantenwereld
flora, plant, plant life {zn.}
plant [m] (de ~)
plantgewas
Plant these seeds before summer sets in.
Plant deze zaden voordat de zomer begint.
The plant has an underground stem.
De plant heeft een ondergrondse steel.
vegetation, flora {zn.}
begroeiing  [v]
vegetatie [v]
plantenwereld
botany, flora, vegetation {zn.}
plantenrijk
flora [m] (de ~)
botany, flora, vegetation {zn.}
plantenleven
gewas [o] (het ~)
plantengroei
planteleven
vegetatie [v] (de ~)

Gerelateerd aan flora

plant - plant life - vegetation - botanybaby's room - being - botany - root - family upupidae - veg - growth regulator - stoma - fruit - cellulose - xylem - anthesis - scale - branch - stalk