Vertaling van fresh

Inhoud:

Engels
Nederlands
fresh, recent {bn.}
recent
van jonge datum
van recente datum
fresh, recent, hale {bn.}
fris
luchtig
onbedorven
vers 
fresh, new, novel {bn.}
recent
laatst
vers
jong
nieuw
fresh {bn.}
vers
fresh, impertinent, impudent, overbold, sassy, saucy, smart, wise {bn.}
koket
fresh, new, novel {bn.}
vers
fresh, impertinent, impudent, overbold, sassy, saucy, smart, wise {bn.}
pril
fresh, sweet, unfermented {bn.}
ongegist
fresh, unused {bn.}
zeevers
fresh, new, novel {bn.}
zelfbedacht
fris
oorspronkelijk
origineel
geestrijk

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Eat more fresh vegetables.

Eet meer verse groenten.

Fresh fruit is good for your health.

Vers fruit is goed voor je gezondheid.

I want to breathe some fresh air.

Ik wil wat frisse lucht opsnuiven.

She is a teacher fresh from the university.

Ze is een net van de universiteit afgestudeerde lerares.

Salt water is more buoyant than fresh water.

Zout water heeft meer drijfvermogen dan zoet water.

This is the season to pick fresh tea.

Dit is het seizoen voor verse thee.

I went out for a walk to get some fresh air.

Ik ging buiten wandelen om wat frisse lucht in te ademen.

A little nap and, just like that, I'm as fresh as a daisy.

Een kort middagdutje en hoplakee, ik ben weer fris als een hoentje.


Gerelateerd aan fresh

recent - hale - new - novel - impertinent - impudent - overbold - sassy - saucy - smart - wise - sweet - unfermented - unusedbonnie - immature - fresh