Vertaling van jack

Inhoud:

Engels
Nederlands
jack {zn.}
steekcontact
contactbus
jack {zn.}
dommekracht [v]
krik [v]
vijzel  [v]
to jack, to jack up {ww.}
opkrikken

I jack
you jack
we jack

ik krik op
jij krikt op
wij krikken op
» meer vervoegingen van opkrikken

to jack, to jacklight {ww.}
opvijzelen
vijzelen

I jack
you jack
we jack

ik vijzel op
jij vijzelt op
wij vijzelen op
» meer vervoegingen van opvijzelen

jack, jackass {zn.}
dommekracht [m] (de ~)
jack {zn.}
krikkemik
jack {zn.}
geus [m] (de ~)
jack {zn.}
contactbus
jack, knave {zn.}
boer [m] (de ~)
zot [m] (de ~)
jack {zn.}
krik [m] (de ~)
autocric
autokrik
cric
knave, jack {zn.}
boer 
jack, laborer, labourer, manual laborer {zn.}
arbeider
handarbeider [m] (de ~)
loonarbeider [m] (de ~)
werkman
jack {zn.}
vijzel [m] (de ~)
dommekracht [m] (de ~)
jack, jackstones {zn.}
jackpot [m] (de ~)
jack, jackass {zn.}
wippertje
jack {zn.}
schroeftang
bankschroef [m] (de ~)
Jacob, James, Jack {eigenn.}
Jacob [m]
Jacobus [m]
Jaap
gob, jack, jack-tar, mariner, old salt, sea dog, seafarer, seaman, tar {zn.}
zeeman [m] (de ~)
varensman
zeevaarder
gob, jack, jack-tar, mariner, old salt, sea dog, seafarer, seaman, tar {zn.}
zeebonk [m] (de ~)
zeerob [m] (de ~)

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

My name is Jack.

Ik heet Jack.

Jack doesn't drive fast.

Jack rijdt niet snel.

Jack isn't there.

Jack is hier niet.

Jack isn't here.

Jack is niet hier.

Jack may speak Spanish, too.

Misschien spreekt Jack ook Spaans.

Don't be so wild, Jack.

Jack, doe niet zo wild.

Mary swims as fast as Jack.

Maria zwemt even snel als Jakobo.

Jack exchanged the cow for the seeds.

Jack ruilde de koe voor de zaden.

How long have you known Jack?

Hoe lang ken je Jack al?

Jack was laughed at by all the boys.

Jack werd uitgelachen door al de jongens.

Mary swims just about as fast as Jack.

Maria zwemt ongeveer net zo snel als Jack.

Jack was never to see his sister again.

Jack zou zijn zus nooit meer zien.

Jack always finds fault with others. That's why everybody avoids him.

Jack vit altijd op anderen. Daarom mijdt iedereen hem.


Gerelateerd aan jack

jack up - jacklight - jackass - knave - laborer - labourer - manual laborer - jackstones - Jacob - James - Jack - gob - jack-tar - mariner - old saltforce - individual - derrick - guerilla - joint - card - lifter - worker - award - fastener - gob