Vertaling van notify

Inhoud:

Engels
Nederlands
to inform, to let know, to acquaint, to announce, to apprise, to convey, to notify, to tell, to advise {ww.}
verwittigen 
mededelen 
in kennis stellen
meedelen
aankondigen 

I notify
you notify
we notify

ik verwittig
jij verwittigt
wij verwittigen
» meer vervoegingen van verwittigen

to inform, to report, to acquaint, to enlighten, to notify, to advise, to apprise {ww.}
voorlichten
verwittigen 
informeren
inlichten
berichten 

I notify
you notify
we notify

ik licht voor
jij licht voor
wij lichten voor
» meer vervoegingen van voorlichten

to instruct, to notify, to summon {ww.}
aanschrijven

I notify
you notify
we notify

ik schrijf aan
jij schrijft aan
wij schrijven aan
» meer vervoegingen van aanschrijven

to advise, to apprise, to apprize, to give notice, to notify, to send word {ww.}
adviseren

I notify
you notify
we notify

ik adviseer
jij adviseert
wij adviseren
» meer vervoegingen van adviseren

to advise, to apprise, to apprize, to give notice, to notify, to send word {ww.}
boodschappen
berichten

I notify
you notify
we notify

ik boodschap
jij boodschapt
wij boodschappen
» meer vervoegingen van boodschappen


Gerelateerd aan notify

inform - let know - acquaint - announce - apprise - convey - tell - advise - report - enlighten - instruct - summon - apprize - give notice - send wordaid - tell