Vertaling van ribbon

Inhoud:

Engels
Nederlands
ribbon {zn.}
band [m]
lint 
ribbon {zn.}
lint [o] (het ~)
lintje [o] (het ~)
Jane wore the same ribbon as her mother did.
Jane droeg hetzelfde lint als haar moeder.
ribbon, typewriter ribbon {zn.}
halsketen
ribbon, typewriter ribbon {zn.}
schrijfmachinelint [o] (het ~)
lintcassette
lintcasssette
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
insigne [o] (het ~)
distinctief
ereteken
speldje [o] (het ~)
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
ridderorde [m] (de ~)
versierselen
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
medaille
eremetaal [o] (het ~)
plak [m] (de ~)
You deserve a medal.
Jij verdient een medaille.
I won the gold medal.
Ik won de gouden medaille.
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
onderscheiding [v] (de ~)
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
gedenkpenning
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
legpenning
decoration, laurel wreath, medal, medallion, palm, ribbon {zn.}
medaille [m] (de ~)
We won the bronze medal.
Wij wonnen de bronzen medaille.
He made a medal of gold.
Hij heeft een gouden medaille gemaakt.

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Jane wore the same ribbon as her mother did.

Jane droeg hetzelfde lint als haar moeder.

Jane had a yellow ribbon in her hair.

Jane droeg een gele band in het haar.


Gerelateerd aan ribbon

typewriter ribbon - decoration - laurel wreath - medal - medallion - palmtape - necklace - ribbon - mark - decoration - prize - court - memorial