Vertaling van gejaagd

Inhoud:

Nederlands
Engels
gejaagd, opgewonden {bn.}
agitated
aflutter
druk, gejaagd, onrustig, rusteloos, woelig {bn.}
restless 
rough 
turbulent
unsettled
gejaagd {bn.}
feverish
hectic
haast hebben, jachten, jagen, zich haasten, zich voorthaasten {ww.}
to hasten
to hurry 

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

I have hastened
you have hastened
he/she/it has hastened
» meer vervoegingen van to hasten

jacht maken op, jagen, bejagen {ww.}
to hunt 
to chase 

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

I have hunted
you have hunted
he/she/it has hunted
» meer vervoegingen van to hunt

Hij houdt van jagen.
He likes to hunt.
haasten, jachten, voortjagen, voortmaken, jagen, opschieten, vlotten {ww.}
to hurry
to rush
to look sharp
to hasten
to festinate

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

I have hurried
you have hurried
he/she/it has hurried
» meer vervoegingen van to hurry

Laten we ons haasten.
Let's hurry.
Laten we opschieten om de bus te halen.
Let's hurry so we can catch the bus.
najagen, jagen {ww.}
to quest for
to pursue
to quest after
to go after

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

I have pursued
you have pursued
he/she/it has pursued
» meer vervoegingen van to pursue

jagen, drijven {ww.}
to hunt
to trace
to hound

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

I have hunted
you have hunted
he/she/it has hunted
» meer vervoegingen van to hunt

jagen {ww.}
to hunt
to track down
to run
to hunt down

ik heb gejaagd
jij hebt gejaagd
hij/zij/het heeft gejaagd

I have hunted
you have hunted
he/she/it has hunted
» meer vervoegingen van to hunt