Vertaling van rusten
Inhoud:
Nederlands
Engels
wij rusten
jullie rusten
zij rusten
we rest
you rest
they rest
» meer vervoegingen van to rest
Tom, die de hele dag gewerkt had, wilde gaan rusten.
Tom, having worked all day, wanted to take a rest.
We hebben nog niet beslist waar we gaan rusten.
We haven't decided where to take a rest.
rusten {ww.}
to lean on
to rest on
to lean against
to rest on
to lean against
rusten {ww.}
to rest
wij rusten
jullie rusten
zij rusten
we rest
you rest
they rest
» meer vervoegingen van to rest
Hij moest rusten.
He needed to rest.
Ik ga wat rusten.
I'm going to have a rest.
belasten, drukken, rusten {ww.}
to weight down
to burthen
to weight
to burden
to burthen
to weight
to burden
wij rusten
jullie rusten
zij rusten
we weight
you weight
they weight
» meer vervoegingen van to weight
deponeren, voorleggen, leggen, neerleggen, rusten {ww.}
to lay
to set
to put
to position
to pose
to place
to set
to put
to position
to pose
to place
wij rusten
jullie rusten
zij rusten
we lay
you lay
they lay
» meer vervoegingen van to lay
In mei leggen alle vogeltjes een ei.
In May, all birds lay an egg.
bronzen, keveren, knorren, maffen, pitten, slapen, snurken, slapend, meuren, rusten {ww.}
to sleep
to slumber
to kip
to log z's
to catch some z's
to slumber
to kip
to log z's
to catch some z's
Ik wil slapen.
I want to sleep.
Ik probeer te slapen.
I'm trying to sleep.
wapenen, rusten {ww.}
to armour
to armor
to armor
rust , pauze {zn.}
rest
Rust in vrede.
Rest in peace.
Teveel rust is roest.
Too much rest is rust.
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Engels
Tom, die de hele dag gewerkt had, wilde gaan rusten.
Tom, having worked all day, wanted to take a rest.
Ik zal zingen terwijl hij aan het rusten is.
I will sing while he is resting.
We hebben nog niet beslist waar we gaan rusten.
We haven't decided where to take a rest.