Vertaling van smoelwerk
Inhoud:
Nederlands
Engels
gezicht , aangezicht , aanschijn, facie , fieselefacie, fieselemie, gelaat , ponem , porem , postzegel, smoelwerk , snoet, snufferd, toet , toetje, tronie , smoel , snuit , bakkes {zn.}
face
human face
human face
Zijn gezicht werd rood.
Her face turned red.
Zij sloeg hem in het gezicht.
She slapped his face.