Vertaling van toekennen

Inhoud:

Nederlands
Engels
geven, aangeven, opbrengen, toebrengen, toekennen, verlenen {ww.}
to give
to yield 
to afford 
to accord
to confer
to administer
to grant 
to allow 
to impart
to spare 
to provide 

ik zal toekennen
jij zult toekennen
hij/zij/het zal toekennen

I will give
you will give
he/she/it will give
» meer vervoegingen van to give

"We geven geen kortingen," zei de vrouw streng, "ongeacht hoe klein. En wilt u nu alstublieft het pak uittrekken als u het zich niet kunt veroorloven?"
"We don't give discounts," the woman said sternly. "Regardless how small. Now, please take off the suit if you can't afford it."
Koeien geven melk.
Cows give milk.
toedichten, toekennen, toeschrijven {ww.}
to accredit 
to assign 
to ascribe
to bestow
to award 
to attach 

ik zal toekennen
jij zult toekennen
hij/zij/het zal toekennen

I will accredit
you will accredit
he/she/it will accredit
» meer vervoegingen van to accredit

gunnen, toekennen, toeslaan, toewijzen {ww.}
to adjudge
to award 
to bestow

ik zal toekennen
jij zult toekennen
hij/zij/het zal toekennen

I will adjudge
you will adjudge
he/she/it will adjudge
» meer vervoegingen van to adjudge

toekennen, hechten {ww.}
to attribute
to ascribe
to assign
to impute

ik zal toekennen
jij zult toekennen
hij/zij/het zal toekennen

I will attribute
you will attribute
he/she/it will attribute
» meer vervoegingen van to attribute

toekennen, toebedelen, toemeten {ww.}
to allocate
to apportion

ik zal toekennen
jij zult toekennen
hij/zij/het zal toekennen

I will allocate
you will allocate
he/she/it will allocate
» meer vervoegingen van to allocate


Gerelateerd aan toekennen

geven - aangeven - opbrengen - toebrengen - verlenen - toedichten - toeschrijven - gunnen - toeslaan - toewijzen - hechten - toebedelen - toemetentoerekenen - geven