Vertaling van vrouw

Inhoud:

Nederlands
Engels
vrouw [v], wijfje [o], moer {zn.}
dame
female 
vrouw [v], vrouwspersoon, vrouwmens {zn.}
woman 
sheila
lady 
female 
dame
broad 
De vrouw is dik.
The woman is fat.
Wie is deze vrouw?
Who is this woman?
vrouw {zn.}
queen 
echtgenote [v], gemalin [v], vrouw [v] {zn.}
wife 
spouse 
mate
Ik hou van mijn vrouw.
I love my wife.
Mijn vrouw is arts.
My wife is a doctor.
vrouw [v] (de ~), dame [v] (de ~), juffrouw, mevrouw [v] (de ~), tante {zn.}
woman
adult female
Je bent een mooie vrouw.
You're a beautiful woman.
De vrouw is aan het lezen.
The woman is reading.
vrouw {zn.}
queen
echtgenote [v] (de ~), eega [m] (de ~), gade [m] (de ~), gemalin [v] (de ~), moeders, vrouw [v] (de ~), wijf {zn.}
wife
married woman
Hoe gaat het met mijn vrouw?
How's my wife doing?
Zij is de vrouw van Alain.
She's Alain's wife.
Vrouwe, vrouw [v] (de ~) {zn.}
mother

Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

De vrouw is dik.

The woman is fat.

Wie is deze vrouw?

Who is this woman?

Tom bedriegt zijn vrouw.

Tom is cheating on his wife.

Mijn vrouw is arts.

My wife is a doctor.

Zijn vrouw is Franse.

His wife is a Frenchwoman.

Vergelijk nooit je vrouw met een andere vrouw.

Never compare your wife to another woman.

Hier is mijn vrouw, Minna.

Here is my wife, Minna.

Ze is een knappe vrouw.

She is a beauty.

De mooie vrouw is vriendelijk.

The beautiful woman is kind.

Ik hou van mijn vrouw.

I love my wife.

Mijn vrouw houdt van appeltaart.

My wife loves apple pie.

Mijn vrouw is een vegetariër.

My wife is a vegetarian.

Zijn vrouw komt uit Californië.

His wife comes from California.

Mijn vrouw kan slecht autorijden.

My wife is a poor driver.

Ik hoorde een vrouw schreeuwen.

I heard a woman scream.


Gerelateerd aan vrouw

wijfje - moer - vrouwspersoon - vrouwmens - echtgenote - gemalin - dame - juffrouw - mevrouw - tante - eega - gade - moeders - wijf - Vrouwepersoon - speelkaart - partner - vrouw - boezem