Vertaling van fles

Inhoud:

Nederlands
Spaans
fles [v] {zn.}
botella [v] (la ~)
Open de fles alsjeblieft.
Por favor, abre la botella.
Geef me een fles wijn.
Dame una botella de vino.
doos [v], bak [m], etui [o], foedraal [o], koker [m], korf [m], pot [m], zak, vat [o], kist [v], fles [v], krat [o], emmer, kruik, urn {zn.}
caja [v] (la ~)
olla [v] (la ~)
jarro [m] (el ~)
estuche [m] (el ~)
Ik heb de doos leeg gevonden.
Encontré la caja vacía.
Ik heb de lege doos gevonden.
Encontré la caja vacía.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Spaans

Ze stalen mijn fles wijn!

¡Ellos robaron mi botella de vino!

Geef me een fles wijn.

Dame una botella de vino.

Er zit geen water meer in de fles.

No queda agua en la botella.

Er was een klein beetje melk over in de fles.

Quedaba un poco de leche en la botella.


Gerelateerd aan fles

doos - bak - etui - foedraal - koker - korf - pot - zak - vat - kist - krat - emmer - kruik - urn