Vertaling van wens
Inhoud:
Nederlands
Spaans
begeerte , zucht , lust, verlangen, wens, zin {zn.}
deseo
Ik heb maar een wens.
Solo tengo un deseo.
Zijn wens werd uiteindelijk vervuld.
Su deseo finalmente se cumplió.
begeren, trek hebben in, verkiezen, verlangen, wensen {ww.}
desear
ik wens
yo deseo
» meer vervoegingen van desear
Dit resultaat laat veel te wensen over.
Este resultado deja mucho que desear.
Voorbeelden in zinsverband
Nederlands
Spaans
Zijn wens werd uiteindelijk vervuld.
Su deseo finalmente se cumplió.
Ik wens haar een goede nacht.
Le deseo una buena noche.
Ik wens dat ge de kamer vlug in orde brengt.
Quiero que ordenes rápidamente la pieza.
Ik wens u veel geluk op het examen.
Le deseo buena suerte en el examen.
"Wat is je wens?" vroeg het witte konijntje.
—¿Cuál es tu deseo? —preguntó el pequeño conejo blanco.