Vertaling van bevelen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
voorschrijven, verordenen, gelasten, sommeren, bevelen {ww.}
voorschrijven
verordenen
gelasten
sommeren
bevelen {ww.}

ik beveel
jij beveelt
hij/zij/het beveelt

ik schrijf voor
jij schrijft voor
hij/zij/het schrijft voor
» meer vervoegingen van voorschrijven

bevelen, commanderen, verordonneren, voorschrijven, prescriberen, ordonneren, gelasten, gebieden, dicteren {ww.}
bevelen
commanderen
verordonneren
voorschrijven
prescriberen
ordonneren
gelasten
gebieden
dicteren {ww.}

ik beveel
jij beveelt
hij/zij/het beveelt

ik beveel
jij beveelt
hij/zij/het beveelt
» meer vervoegingen van bevelen

het bevel voeren, bevelen, commanderen, aanvoeren {ww.}
het bevel voeren
bevelen
commanderen
aanvoeren {ww.}

ik voer aan
jij voert aan
hij/zij/het voert aan

ik beveel
jij beveelt
hij/zij/het beveelt
» meer vervoegingen van bevelen

bevel (mv. bevelen) [o], order, verordening [v], sommatie [v], gebod [o], bevelschrift [o] {zn.}
bevel (mv. bevelen) [o]
order
verordening [v]
sommatie [v]
gebod [o]
bevelschrift [o] {zn.}
De koning gaf het bevel dat de gevangene vrijgelaten moest worden.
De koning gaf het bevel dat de gevangene vrijgelaten moest worden.
bevel (mv. bevelen) [o], commando [o] {zn.}
bevel (mv. bevelen) [o]
commando [o] {zn.}
Bevel {eigenn.}
Bevel {eigenn.}
aanbevelen, bevelen, toevertrouwen {ww.}
aanbevelen
bevelen
toevertrouwen {ww.}

ik beveel aan
jij beveelt aan
hij/zij/het beveelt aan

ik beveel aan
jij beveelt aan
hij/zij/het beveelt aan
» meer vervoegingen van aanbevelen

Ik kan dit restaurant aanbevelen.
Ik kan dit restaurant aanbevelen.
Ik kan een goed hotel aanbevelen.
Ik kan een goed hotel aanbevelen.
bevel [o] (het ~), order [m] (de/het ~), sommering, gebod [o] (het ~), commando [o] (het ~) {zn.}
bevel [o] (het ~)
order [m] (de/het ~)
sommering
gebod [o] (het ~)
commando [o] (het ~) {zn.}
bevel [o] (het ~), commando [o] (het ~), aanvoering [v] (de ~) {zn.}
bevel [o] (het ~)
commando [o] (het ~)
aanvoering [v] (de ~) {zn.}