Vertaling van garantie

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
garantie [v], waarborg, waarborging [v] {zn.}
garantie [v]
waarborg
waarborging [v] {zn.}
Niets weten is het veiligste geloof/vertrouwen/garantie
Niets weten is het veiligste geloof/vertrouwen/garantie
zekerheid [v] (de ~), garantie [v] (de ~), borg, waarborg [m] (de ~), verzekering [v] (de ~) {zn.}
zekerheid [v] (de ~)
garantie [v] (de ~)
borg
waarborg [m] (de ~)
verzekering [v] (de ~) {zn.}
Ze beantwoordde alle vragen met zekerheid.
Ze beantwoordde alle vragen met zekerheid.
Ik moet de borg voor de aanvang van het contract betalen.
Ik moet de borg voor de aanvang van het contract betalen.


Gerelateerd aan garantie

waarborg - waarborging - zekerheid - borg - verzekeringbewijs