Vertaling van zekerheid

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
zekerheid [v] {zn.}
zekerheid [v] {zn.}
Ze beantwoordde alle vragen met zekerheid.
Ze beantwoordde alle vragen met zekerheid.
De enige zekerheid voor de verliezers is geen heil te verwachten
De enige zekerheid voor de verliezers is geen heil te verwachten
zekerheid [v], vastigheid [v], stelligheid [v], vastheid [v], securiteit [v] {zn.}
zekerheid [v]
vastigheid [v]
stelligheid [v]
vastheid [v]
securiteit [v] {zn.}
zekerheid [v] (de ~), garantie [v] (de ~), borg, waarborg [m] (de ~), verzekering [v] (de ~) {zn.}
zekerheid [v] (de ~)
garantie [v] (de ~)
borg
waarborg [m] (de ~)
verzekering [v] (de ~) {zn.}
Ik moet de borg voor de aanvang van het contract betalen.
Ik moet de borg voor de aanvang van het contract betalen.
Niets weten is het veiligste geloof/vertrouwen/garantie
Niets weten is het veiligste geloof/vertrouwen/garantie
veiligheid [v], zekerheid [v] {zn.}
veiligheid [v]
zekerheid [v] {zn.}
Ze maakt zich zorgen om uw veiligheid.
Ze maakt zich zorgen om uw veiligheid.
Ik ben bezorgd om haar veiligheid.
Ik ben bezorgd om haar veiligheid.
zekerheid [v] (de ~), stelligheid [v] (de ~) {zn.}
zekerheid [v] (de ~)
stelligheid [v] (de ~) {zn.}
zekerheid [v] (de ~), vastigheid [v] (de ~) {zn.}
zekerheid [v] (de ~)
vastigheid [v] (de ~) {zn.}
zekerheid, zelfbewustheid, aplomb [o] (het ~), zelfvertrouwen [o] (het ~) {zn.}
zekerheid
zelfbewustheid
aplomb [o] (het ~)
zelfvertrouwen [o] (het ~) {zn.}


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Ze beantwoordde alle vragen met zekerheid.

Ze beantwoordde alle vragen met zekerheid.

De enige zekerheid voor de verliezers is geen heil te verwachten

De enige zekerheid voor de verliezers is geen heil te verwachten