Vertaling van gewaarworden
bespeuren {ww.}
ik zal bespeuren
jij zult bespeuren
hij/zij/het zal bespeuren
ik zal gewaarworden
jij zult gewaarworden
hij/zij/het zal gewaarworden
» meer vervoegingen van gewaarworden
ik zal gewaarworden
jij zult gewaarworden
hij/zij/het zal gewaarworden
ik zal gewaarworden
jij zult gewaarworden
hij/zij/het zal gewaarworden
» meer vervoegingen van gewaarworden
bespeuren {ww.}
ik zal bespeuren
jij zult bespeuren
hij/zij/het zal bespeuren
ik zal gewaarworden
jij zult gewaarworden
hij/zij/het zal gewaarworden
» meer vervoegingen van gewaarworden
gewaarworden {ww.}
ik zal gewaarworden
jij zult gewaarworden
hij/zij/het zal gewaarworden
ik zal opvatten
jij zult opvatten
hij/zij/het zal opvatten
» meer vervoegingen van opvatten
gevoelen
aanvoelen
gewaarworden {ww.}
ik zal aanvoelen
ik zou aanvoelen
jij zult aanvoelen
ik zal voelen
ik zou voelen
jij zult voelen
» meer vervoegingen van voelen