Vertaling van huishen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
hen, kip, huishen {zn.}
hen
kip
huishen {zn.}
Nou, dan neem ik kip.
Nou, dan neem ik kip.
De kip heeft vier eieren gelegd.
De kip heeft vier eieren gelegd.


Gerelateerd aan huishen

hen - kiphoen - kip