Vertaling van koper

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
koper [m] {zn.}
koper [m] {zn.}
Elektriciteitskabels zijn gemaakt van koper.
Elektriciteitskabels zijn gemaakt van koper.
Laat de koper op zijn hoede zijn
Laat de koper op zijn hoede zijn
koper [m], toekomstige koper, gegadigde [m] {zn.}
koper [m]
toekomstige koper
gegadigde [m] {zn.}
koper [o], roodkoper [o] {zn.}
koper [o]
roodkoper [o] {zn.}
klant [m], koper [m], afnemer [m] {zn.}
klant [m]
koper [m]
afnemer [m] {zn.}
Klant is koning.
Klant is koning.
Ik ben maar een klant.
Ik ben maar een klant.
koper [o] (het ~) {zn.}
koper [o] (het ~) {zn.}
koper {zn.}
koper {zn.}
koper, messing [o] (het ~), geelkoper [o] (het ~) {zn.}
koper
messing [o] (het ~)
geelkoper [o] (het ~) {zn.}
koper {zn.}
koper {zn.}
koper {zn.}
koper {zn.}
verkoperen, koperen {ww.}
verkoperen
koperen {ww.}

ik koper
jij kopert
hij/zij/het kopert

ik verkoper
jij verkopert
hij/zij/het verkopert
» meer vervoegingen van verkoperen



Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Elektriciteitskabels zijn gemaakt van koper.

Elektriciteitskabels zijn gemaakt van koper.

Laat de koper op zijn hoede zijn

Laat de koper op zijn hoede zijn